COPD staat voor chronisch obstructieve longziekte. Het is een progressieve aandoening waarbij de luchtwegen vernauwen. Daardoor wordt ademen moeilijker.
De ziekte ontwikkelt zich meestal geleidelijk. In veel gevallen is roken de belangrijkste oorzaak, maar ook andere factoren zoals luchtvervuiling of langdurige blootstelling aan schadelijke stoffen kunnen een rol spelen.
Door de vernauwing van de luchtwegen kunnen er, afhankelijk van de ernst van de COPD, verschillende klachten ontstaan. Veelvoorkomende klachten zijn kortademigheid bij inspanning, hoesten, ophoest van fluimen of een piepende ademhalen.
Bij een vermoeden van COPD kan de longarts verschillende onderzoeken voorstellen. Het belangrijkste onderzoek is een spirometrie (longfunctieonderzoek). Omdat COPD vaak ontstaat door roken, kan ook beeldvorming (RX thorax/ CT thorax) interessant zijn. Soms zijn aanvullende onderzoeken nodig, zoals bloedgassen, of een botdensitometritest.
COPD is niet te genezen, maar de klachten zijn te behandelen en de levenskwaliteit kan verbeteren. Rookstop is veruit de belangrijkste maatregel: stoppen met roken voorkomt verdere schade aan de longen en vormt de hoeksteen van elke behandeling.
Andere mogelijke behandelingen zijn:
Bij een kleine groep patiënten met ernstige COPD kan longtransplantatie een optie zijn. Dit wordt alleen overwogen bij jongere patiënten met een geschikte algemene gezondheidstoestand en na grondige evaluatie door een gespecialiseerd team.
Patiënten met COPD worden begeleid door een multidisciplinair team: longartsen, kinesisten, verpleegkundigen, diëtisten, psychologen... werken samen om medische behandeling, revalidatie, voedingsadvies en psychosociale ondersteuning te combineren in één samenhangend zorgtraject.
Raadpleeg hier de brochure.