Jouw rechten als patiënt duidelijk omschreven in de Wet op de Patiëntenrechten.
Als patiënt heb je recht op kwalitatieve, zorgvuldige en persoonlijke zorg die aansluit bij jouw behoeften. Je mag erop vertrouwen dat de gezondheidszorgbeoefenaar handelt volgens de meest recente inzichten en ontwikkelingen binnen de medische wetenschap en technologie.
Daarnaast wordt jouw menselijke waardigheid en recht op zelfbeschikking steeds gerespecteerd. Er wordt rekening gehouden met jouw persoonlijke wensen, doelstellingen en waarden.
Ook jouw comfort en veiligheid staan bij ons centraal. Wij vinden het belangrijk dat je je tijdens de zorg zo goed, veilig en gerespecteerd mogelijk voelt.
De patiënt kiest de beroepsbeoefenaar en mag zich op elk ogenblik richten tot een andere beroepsbeoefenaar. Die vrije keuze kan evenwel in sommige gevallen beperkt worden door de wet of door de omstandigheden eigen aan de organisatie van de gezondheidszorgen (bijvoorbeeld bij gedwongen opname van een persoon met een geestesziekte, bij aanwezigheid van slechts één specialist in een ziekenhuis,...).
Anderzijds kan elke beroepsbeoefenaar kiezen om een patiënt niet te behandelen om persoonlijke of beroepsredenen, uitgezonderd in geval van nood. Als de beroepsbeoefenaar een opgestarte behandeling onderbreekt, moet hij evenwel de continuïteit van de zorgen waarborgen.
Recht om te weten
De patiënt heeft het recht op alle informatie die nodig is om inzicht te krijgen in zijn gezondheidstoestand en de vermoedelijke evolutie ervan. De beroepsbeoefenaar deelt de informatie meestal mondeling mee in een taal aangepast aan de patiënt. Hij houdt onder meer rekening met de leeftijd, de opleiding en het begripsvermogen van de patiënt.
Recht om niet te weten
Indien de patiënt de informatie niet wenst te vernemen, moet de beroepsbeoefenaar deze wens respecteren (vb. weigering om te weten of men al dan niet drager is van een ongeneeslijke ziekte zoals de ziekte van Huntington) en moet hij dit noteren in het patiëntendossier. De beroepsbeoefenaar kan dit "verzoek van de patiënt om niet te weten" naast zich neerleggen, indien het niet meedelen juist een ernstig nadeel voor de gezondheid van de patiënt of van derden (vb. besmettelijke ziekte) betekent. In dat geval dient de beroepsbeoefenaar vooraf een andere beroepsbeoefenaar te raadplegen en de eventueel aangewezen vertrouwenspersoon te horen.
Uitzonderlijk mag de beroepsbeoefenaar bepaalde informatie niet meedelen aan de patiënt, indien hij oordeelt dat ze op dat ogenblik een ernstig nadeel voor de gezondheid van de patiënt zou meebrengen. Voor die ongebruikelijke en tijdelijke handelwijze dient de beroepsbeoefenaar het advies van een collega in te winnen en de motivering van deze onthouding aan het patiëntendossier toe te voegen. Bovendien wordt de gevoelige informatie aan de eventuele vertrouwenspersoon meegedeeld.
Vooraleer een behandeling wordt opgestart, dient de beroepsbeoefenaar daartoe de vrije en geïnformeerde toestemming van de patiënt te verkrijgen. Dit houdt in dat de beroepsbeoefenaar de patiënt duidelijk heeft geïnformeerd over de karakteristieken van de geplande tussenkomst en dit voor deze tussenkomst (vb. voor de patiënt zich op de operatietafel bevindt).
Het gaat hier over informatie over het doel (vb. een diagnosestelling, om te opereren), de aard (vb. is de tussenkomst pijnlijk?), de graad van urgentie, de duur, de frequentie, de contra-indicaties, de nevenwerkingen, de relevante risico's, de noodzaak aan nazorg, de financiële gevolgen (vb. honoraria, het al dan niet geconventioneerd zijn van de beroepsbeoefenaar), de eventuele gevolgen van een weigering van toestemming alsook de mogelijke alternatieven van de behandeling.
Het recht op geïnformeerde toestemming omvat ook het recht op het vernemen of de beroepsbeoefenaar verzekerd is en gemachtigd is om zijn beroep uit te oefenen. Naast de conventiestatus wordt de info omtrent de verzekeraar waarbij de arts is aangesloten voor zijn burgerlijke aansprakelijkheidsverzekering vermeld.
In een spoedgeval, wanneer het onmogelijk is de wil van de patiënt of van zijn vertegenwoordiger te kennen (vb. een bewusteloze persoon in een spoeddienst), voert de beroepsbeoefenaar alle noodzakelijke tussenkomsten uit en vermeldt dit in het patiëntendossier.
De toestemming wordt mondeling door de patiënt gegeven of wordt door de beroepsbeoefenaar uit zijn gedragingen afgeleid (vb. de patiënt steekt de arm uit voor een injectie). De patiënt kan zijn toestemming geven onder bepaalde voorwaarden (vb. stopzetting van chemotherapie bij afwezigheid van resultaat). In overleg kunnen de patiënt en de beroepsbeoefenaar beslissen de toestemming schriftelijk vast te leggen en die aan het patiëntendossier toe te voegen (vb. bij een belangrijk onderzoek of behandeling).
Indien de patiënt weigert of zijn toestemming intrekt, respecteert de beroepsbeoefenaar deze weigering zolang de patiënt die niet herroepen heeft. De beroepsbeoefenaar blijft echter wel een kwaliteitsvolle dienstverstrekking verlenen (bv. voortzetting van de lichamelijke basisverzorging van een patiënt die weigert te drinken en te eten). De patiënt of de beroepsbeoefenaar kunnen verzoeken dat de weigering of de intrekking van de toestemming in het patiëntendossier vermeld wordt.
Indien de patiënt zich in een gezondheidstoestand bevindt die hem verhindert zijn wil uit te drukken (vb. in coma, bij een degeneratieve mentale aandoening), moet de beroepsbeoefenaar de voorafgaande wilsverklaring respecteren die door de patiënt werd opgesteld op het ogenblik dat hij nog in staat was zijn rechten uit te oefenen. In deze voorafgaande verklaring kan de patiënt te kennen hebben gegeven dat hij weigert zijn toestemming te verlenen in een bepaalde tussenkomst (via het formulier negatieve wilsverklaring). Bij voorkeur stelt de patiënt deze voorafgaande wilsverklaring op in aanwezigheid van een derde persoon (vb. een beroepsbeoefenaar) om afwijkende interpretaties te vermijden. De verklaring is niet beperkt in de tijd, tenzij ze door de patiënt herroepen wordt op een ogenblik dat hij in staat is zijn rechten uit te oefenen.
De beroepsbeoefenaar heeft voor elke patiënt een zorgvuldig bijgehouden dossier, dat hij op een veilige plaats bewaart. Dit dossier bevat de identiteitsgegevens van de patiënt en medische informatie (vb. onderzoeksresultaten, diagnosestellingen). De patiënt kan aan de beroepsbeoefenaar vragen om aan het dossier bepaalde documenten toe te voegen (vb. een wetenschappelijk artikel over zijn ziekte, een document waarin een vertrouwenspersoon of een vertegenwoordiger aangewezen wordt,...). Indien de patiënt van beroepsbeoefenaar verandert, kan hij vragen dat zijn patiëntendossier wordt overgedragen om de continuïteit van de zorgen te waarborgen.
De patiënt kan (mondeling of schriftelijk) aan de beroepsbeoefenaar vragen dat hij rechtstreeks zijn patiëntendossier kan inzien. Vanaf de ontvangst van dit verzoek, heeft de beroepsbeoefenaar 15 dagen tijd om het dossier aan de patiënt voor te leggen, met uitzondering van de persoonlijke notities van de beroepsbeoefenaar (aantekeningen die voor derden verborgen zijn, die bestemd zijn voor persoonlijk gebruik van de beroepsbeoefenaar en die voor de kwaliteit van de zorgen van geen belang zijn) en de gegevens die betrekking hebben op derden (vb. identiteitsgegevens van naasten die informatie hebben toevertrouwd zonder medeweten van de patiënt). De patiënt kan onder dezelfde voorwaarden ook vragen om een afschrift uit het patiëntendossier tegen een wettelijk bepaalde kostprijs.
De patiënt kan schriftelijk een vertrouwenspersoon aanwijzen om hem bij te staan of om zijn patiëntendossier in zijn plaats in te zien, met inbegrip van de persoonlijke notities indien de vertrouwenspersoon een beroepsbeoefenaar is. Het verzoek van de patiënt en de identiteit van de vertrouwenspersoon worden aan het patiëntendossier toegevoegd.
Elk afschrift krijgt de vermelding 'strikt persoonlijk en vertrouwelijk'. Het betreft een eenvoudige aanwijzing, een signaal dat de patiënt opvat zoals hij wil. De beroepsbeoefenaar levert geen afschrift af indien hij over elementen beschikt die erop wijzen dat de patiënt onder druk staat om de betrokken informatie aan derden mee te delen (vb. werkgever, verzekeringsmaatschappij).
Na het overlijden van een patiënt kunnen bepaalde familieleden met een geldige reden (bv. vermoeden van een medische fout, opsporen van familiale antecedenten) een beroepsbeoefenaar aanwijzen (bv. de huisarts van het gezin) die het patiëntendossier van de overledene met de persoonlijke notities kan inzien. Op voorwaarde dat de patiënt hier tegen tijdens zijn leven geen uitdrukkelijk bezwaar heeft geuit. Teneinde de persoonlijke levenssfeer van de patiënt te beschermen, is de inzage onrechtstreeks en wordt ze beperkt tot de gegevens die rechtstreeks verband houden met de redenen die de naasten inroepen.
Binnen het JYZ stellen we alles in het werk om de privacy van onze patiënten, familieleden, bezoekers, zorgverleners, medewerkers, artsen,... te respecteren.
De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) die van kracht is sinds 25 mei 2018, beter bekend als de General Data Protection Regulation (GDPR), vervangt en verstrengt de vroegere privacywetgeving met als doel de persoonsgegevens van elke burger beter te beheren en te beschermen.
Daarom heeft het Jan Yperman Ziekenhuis bij de verwerking van persoonsgegevens bijzondere aandacht voor de bescherming van je privacy. Lees hier meer over de bescherming van je privacy.
Alle medewerkers van het ziekenhuis streven naar een zo goed mogelijke opvang, verzorging en begeleiding van jou en jouw familie tijdens je verblijf in het ziekenhuis. Het kan gebeuren dat je ondanks onze inzet en inspanningen niet volledig tevreden bent over bepaalde aspecten van jouw behandeling of jouw verblijf.
Als patiënt kan je een vertrouwenspersoon of vertegenwoordiger aanduiden.
Je kan zelf één of meerdere vertrouwenspersonen aanduiden om je bij te staan bij de uitoefening van een aantal van je patiëntenrechten. Een vertrouwenspersoon kan je ondersteunen bij onder meer:
De beroepsbeoefenaar kan de aanwijzing van een vertrouwenspersoon opnemen in je patiëntendossier, samen met de identiteit van de vertrouwenspersoon.
Je kan ook zelf een vertrouwenspersoon aanduiden door dit formulier in te vullen en te bezorgen aan de ombudsdienst.
Voor minderjarigen gelden specifieke regels. Minderjarigen ouder dan 15 jaar kunnen met dit formulier hun ouder(s) als vertrouwenspersoon aanduiden. Voor minderjarigen jonger dan 15 jaar kan de ouder-kindkoppeling op vraag van de ouders via MyNexuzHealth worden aangevraagd.
Ben je als patiënt niet langer in staat om je patiëntenrechten zelf uit te oefenen, bijvoorbeeld omdat je wilsonbekwaam bent, dan kan een vertegenwoordiger jouw patiëntenrechten uitoefenen. Als wilsbekwame patiënt kan je vooraf zelf een vertegenwoordiger aanduiden. Deze persoon kan jouw patiëntenrechten uitoefenen wanneer je op een bepaald moment zelf niet meer in staat bent om je wil te uiten.
Je kan hiervoor dit formulier invullen. Bezorg het formulier aan de ombudsdienst, zodat de aanwijzing kan worden opgenomen in je patiëntendossier.
Heb je geen vertegenwoordiger aangeduid en ben je niet langer in staat om zelf je patiëntenrechten uit te oefenen? Dan voorziet de wet in een wettelijke volgorde van vertegenwoordiging. Je patiëntenrechten worden dan, in onderstaande volgorde, uitgeoefend door:
Als je meerderjarig bent, dan kan je zelf opkomen voor je rechten als patiënt. Ben je zelf (tijdelijk) niet in staat om je rechten te beoefenen, dan kan een aangestelde vertegenwoordiger dat doen voor jou.
De relatie tussen patiënt en zorgverlener is gebaseerd op wederzijds respect en vertrouwen. Als patiënt heb je rechten. Daarnaast verwachten de zorgverleners, de directie en andere medewerkers van het ziekenhuis ook jouw engagement, namelijk:
Heb je vragen over jouw rechten als patiënt? Dan kan je terecht bij de ombudsdienst.